Menu Search

Volledig interview Ellen Hoog

Hockey

Ik was 7 toen ik begon. Kom uit een hockeygezin ik kon ook niet wachten om te beginnen. Dat was op de Stichtste in Bilthoven waar wij vlakbij woonden. 1 minuut lopen. SCHC. Vanaf 2007 zit ik bij Amsterdam, ben op mijn 20e overgestapt. Ik ben echt een gevoelsmens en moet het goed naar m’n zin hebben. En dat heb ik bij Amsterdam.We hebben best wel twee moeilijke jaren gehad met het Nederlands Team. Nieuwe coach, nieuw tactisch systeem moet allemaal goed inslijten. Als we niet in de finale komen is dat een grote teleurstelling en ik denk ook wel dat iedereen dat van ons verwacht. Maar het moet wel allemaal samenvallen: en fit, fris in het hoofd, teambuilding en een beetje geluk ook vaak. Zeker bij een vrouwenteam is het belangrijk dat het goed in ons hoofd zit, fit zijn we wel en hockeyen kunnen we ook. De collectieve psyche en teamproces is ongelofelijk belangrijk en dat is ook een vorm van training. Iedereen heeft daarin een rol, ook de jonkies. Iedereen is even belangrijk in ons team. Je hebt alle types nodig in het team. Ik vind het teamproces enorm belangrijk en dat iedereen het naar z’n zin heeft, dat er lol wordt gemaakt, echt met elkaar wordt gepraat. Want wij hebben ook wel toernooien verloren na een zomer kneiterhard trainen maar dat we uiteindelijk niks van elkaar wisten. En op het toernooi waren we niet fris in ons hoofd, geen teamchemie en dat merk je meteen en dat wreekt zich.

Ik neem ook wel een wat leidende rol in het teamproces. Maartje Paumen is echt een captain en die is tactisch heel sterk en in het veld zet ze alles neer. Ik ben meer van de leiding nemen in het vooropgaan in de energie en drive in het veld, fanatisme. En dat dat afstraalt op anderen, Een wedstrijd ook open kunnen trekken en ik praat daarbij veel, ik hoop dat ik anderen meeneem door te bikkelen. Ook trek ik de jonkies erbij, vind ik belangrijk. Dit worden mijn derde Spelen. Ik heb al twee keer goud. Maar op die lauweren rust ik ik niet. Je bent zo goed als je laatste wedstrijd en eigenlijk staat de teller weer een beetje op 0. Dat staat ie niet, maar qua gevoel en mindset maakt het me niet uit wat ik in het verleden heb gedaan. We hebben de afgelopen twee jaar veel toernooien niet gewonnen. Enige nuance is wel op z’n plek, maar ik wil altijd winnen en was ook lang gewend om bijna altijd te winnen.

 

Rust

We gaan 24 juli weg en zitten er 10 dagen voordat het toernooi begint. We gaan even nog een weekendje ergens anders heen, even naar een resort op goed te ontspannen en rust te pakken en dan weer terug het Olympische Dorp in. Ik probeer me altijd heel goed voor te bereiden op een jetlag, steeds vroeger naar bed, later op etc.

Meestal ga ik tussen 11 en 12 slapen heb ook geen TV in de slaapkamer. Ik ben heel erg gevoelig voor slaap, wil goed slapen. Ik ga altijd voor 9 uur, maar als ik onder de 8 uur zit ben ik moe; dat merk ik wel een beetje de volgende dag.

Ik slaap nu een paar maanden op een Auping, een boxspring. Echt heerlijk. We hebben twee losse matrassen en een topper erop. Ik lig op medium en mijn vriend op soft. Ik slaap het liefst op mijn buik, met mijn hoofd naar links. Maar Auping heeft me al geleerd dat dat niet de beste positie is.  Uitslapen vind ik zonde. Als ik 9 uur heb geslapen ben ik blij. Ik ga er meteen uit en douchen, ik kan niet nog een uur in bed blijven liggen.

Ik heb ook 2 wereldtitels, 2006 en 2014. Dat is om de 4 jaar. Tweede geworden in 2010 in Argentinië. Daarnaast 3 Europese titels. De mooiste zege voor mij is Londen. De weg ernaartoe was ook best moeilijk. Ik viel in januari buiten de selectie omdat ik niet in vorm was. Was mentaal een zwaar jaar. Gekweld door onzekerheid dat jaar. En toen mocht ik toch naar de Spelen, een enorme ontlading. Voor mij was het echt een omslag. Was ook goed op dat moment van de coach om me buiten de selectie te houden. Alles klopte in Londen, was echt een vriendinnenteam. We wisten ook dat we die finale gingen winnen.

Ik bestudeer als training keepers niet als ik shoot-outs moet nemen. Ik vertrouw op mijn anticipatie en techniek. Maar het is leuk om te trainen, het is een mooi spel, maar zenuwslopend tijdens de wedstrijd.

Voor rust wordt ook wel benadrukt dat rust ook training is. Ik slaap veel overdag als ik veel moet trainen, 1 uur een middagslaapje, met wekker. Zeker als we met het team intern zitten, of als ik slecht geslapen heb. Ik probeer altijd een moment van rust in de dag te plannen. Overdag lig ik deze zomer wel 2 of 3 uur overdag op bed om te rusten van de trainingsintensiteit die alleen maar toeneemt. We trainen 3 uur per dag. En in de tussentijd rust ik. Voor andere rust ga ik graag met vriendinnen de stad in en lunchen om te ontspannen. Nieuwe tentjes te ontdekken is ontspanning voor mijn geest. En vooral niet over hockey praten. Op vakanties vind ik het lekker om af en toe te squashen of yoga te doen, maar thuis niet. Ik train al zoveel.

Training

Ik zit nu bijna 12 en een half jaar bij de Oranje-selectie. Maar ik train fanatieker dan ooit. Elke training partijtje willen winnen en goed willen zijn. Heel vermoeiend haha. Maar zodra ik dat loslaat dan ben ik al meteen minder scherp. Ik moet op het scherpst van de snede trainen. Elke training weer. En dat wordt alleen maar meer naarmate ik ouder wordt.

Dit worden mijn laatste Spelen. Misschien wel mijn laatste toernooi. Ben nu heel bewust aan het genieten van alles wat we doen. Nog 1 zomer en ik ga alles geven. Het geeft me ook wel rust als ik eraan denk dat dit mijn laatste zomer wordt. Je vraagt veel van je lijf en mentaal. Ik ga nog 1 jaar bij Amsterdam door, ben nu 30. Ik wil op mijn best stoppen. Ik wil wel fit stoppen. Daar ben ik te fanatiek voor. En op een gegeven moment ga je wel tol betalen fysiek en mentaal. Mentaal sta ik er heel goed voor, hoe ouder je wordt hoe sterker je wordt. Geldt zeker voor mij. Ben ook wel topfit. Als ik straks in dat veld sta ga ik helemaal kapot. Ik ben op dit moment niet op mijn best, ben niet uit vorm maar heb weleens beter gespeeld. Ik za ook niet heel veel meer leren op hockey-gebied. Ik heb de stappen de afgelopen 12 jaar al gemaakt. De kunst is op het goede moment te pieken. Daar werken we met training en rust nu heel goed naar toe. Ik ben een spits die ook veel assists geeft en corners haalt etc.

Met rust heb ik wel stappen gemaakt in mijn carrière. Daar ben ik steeds meer tijd aan gaan besteden. Daar ben ik zelf veel professioneler in geworden. Niet meer op vrijdagavond de stad in als ik op zondag een wedstrijd heb. Mijn fanatisme is dat ik er alles aan wil doen om goed te presteren, dus in training, rust, voeding, alles. Dat eis ik van mezelf.
 

Rituelen

Samen met Naomi van As heb ik een bizar ritueel ontwikkeld. Bij het Nederlands team. Voordat het toernooi begint, voor de halve finale en voor de finale moeten we de film The Notebook samen kijken, met Ryan Gosling. Echt een chickflick, romantische film. Echt een leuke film het is jenken geblazen elke keer, dat doen we vanaf 2005. Ik denk dat we ‘n 45 samen hebben gezien. Twee zomers niet gedaan en tijdens het EK in Londen verloren we de finale 10 minuten voor tijd en toen werd het team ook boos op ons dat we die film van tevoren niet hadden gekeken. In 2005 EK in Dublin toen haalden we de halve finale. Die avond zaten we de film te kijken met het hele team. Ik scoorde in de finale de dag erna en dat kwam door The Notebook. We vinden het nu vreselijk om die film te kijken, ben blij als het straks niet meer hoeft. Maar reken maar dat we de DVD en laptoppie meenemen naar Rio hahaha. Het hele team bemoeit zich ermee, jullie moeten die film kijken!

Ik neem altijd mijn eigen kussen mee! Dat vind ik zo belangrijk. Ik heb een donzen kussen en heel laag. Ik krijg snel last van mijn nek, beetje een plat kussen is het. En ik neem altijd veel eten mee. Zelfgemaakte granola en repen dat ik zeker weet dat ik gezond eet. Ik had niet echt een idool vroeger. Ik keek wel altijd Nederlands team en ging naar toernooien. Meer Spice Gils, Backstreet Boys en een Nederlands Elftal poster.

Muziek is wel belangrijk voor mij. Ik gebruik Deezer. In de bus naar een wedstrijd en ik ben heel zenuwachtig wil ik geen muziek aan mijn hoofd. Dan wil ik lekker met iemand kletsen. Als ik rustig ben dan vind ik het lekker met knalmuziek. Zoals nu bijvoorbeeld Paul Kalkbrenner en zijn nummer Cloudrider. Daar loop ik in gedachten al opgepompt het veld op. Hoort ook wel een beetje bij mijn rituelenmuziek.

Het is heel snel en heel technisch, veel actie dat is leuk. Er gebeurt altijd wat, saaie wedstrijden zijn er heel weinig. Heel dynamisch. Ik sla denk ik ruim boven de 100 km/u. Ik had vroeger wel altijd dezelfde ondersokken en haarbandje en strings, maar dat werd me wat te dwangmatig. We hebben het wel meer met het team, inspelen altijd met dezelfde persoon etc. Dat vind ik ook fijn.

Ik speel 6 minuten en zit 3 minuten normaal gesproken. 6 op 3 af. Maar in die 6 minuten speel je op 100%. Bij Amsterdam speel ik een hele wedstrijd. En aan het einde van het toernooi heb je daardoor energie over om de finale ta gaan knallen, dat zijn de voordelen van dit systeem.